Botchan (1906) – Natsume Sōseki

Terwijl ik over de Meiji-periode las in The Making of Modern Japan, probeerde ik zoveel mogelijk flarden literatuur uit de Meiji-periode in Donald Keenes Modern Japanese Literature erbij te lezen. Dit in de hoop om via de literatuur de periode beter te kunnen begrijpen, en via kennis van de periode de literatuur beter te begrijpen; waardoor ik de periode dus nóg beter zou begrijpen, en dáárdoor de literatuur dus ook weer beter … en diverse viceas.

Ik volgde, kortom, wat (o.a.) cultuurhistorici ‘de hermeneutische cirkel’ noemen.

Op deze manier kwam ik voor de Meiji-periode (vanzelfsprekend) bij Natsume Sōseki (1867-1916) terecht. In zijn tijd was hij al de populairste schrijver van Japan, en is dat als ik het goed begrepen heb sindsdien ook altijd gebleven. Zijn boeken zijn nog altijd vaste prik op middelbare scholen, waarbij vooral Botchan (1906) populair is.

Natsume signaleerde voor de Japanse literatuur een volwassen worden. Interessant genoeg vond dit plaats juist op een moment dat Japan ook politiek gezien volwassen werd en de status van leerling van het westen afwierp. In 1902 werd al een gelijkwaardige alliantie met het Verenigd Koninkrijk getekend, en met de overwinning op Rusland in de Russo-Japanse Oorlog (1904-5) slaagde Japan definitief voor zijn rijexamen voor wereldmachten.

Zoals gezegd ging toen ook de Japanse literatuur voor het eerst alleen de weg op. Vóór die tijd imiteerden Japanse schrijvers het westen slechts, én slecht, omdat ze weliswaar Japanse vertalingen van moderne westerse romans ter beschikking hadden, maar de vele verwijzingen naar klassieke westerse literatuur (bijvoorbeeld: de Bijbel, Dante of Milton) werden niet altijd begrepen. Daarin kwam verandering met een generatie schrijvers de geboren werd na opstelling van de Meiji-restauratie, en die dus van jongs af aan al bekend waren met buitenlandse talen en literatuur, en in veel gevallen zelfs in het buitenland gestudeerd hadden. Van deze generatie zijn naast Natsume Sōseki, die van 1900 tot 1903 in Engeland verbleef, ook Mori Ōgai (1862-1922) en Shimazaki Tōson (1872-1943) belangrijke vertegenwoordigers. Net als de Japanse natie als geheel, stonden nu ook haar schrijvers op gelijke voet met het westen, en hoefden het dus niet langer te imiteren.

De periode tussen 1906 en 1916 geldt hierdoor als bloeitijd in de Japanse literatuur, en Botchan uit 1906 is een van de vroegste vruchten ervan. In Botchan vertelt een jonge docent uit Tokio zijn verhaal. Hij groeit op als een ruw kind dat zijn ouders veel last bezorgt met zijn kattenkwaad en vechtpartijen. Nadat hij met een stunt in de keuken zijn hoofd verwondt, wordt hij door zijn ouders weggestuurd om bij een familielid te logeren. Tijdens zijn afwezigheid overlijdt zijn moeder, en zijn oudere broer, die wel braaf is en graag studeert, geeft de ik-vertellende hoofdpersoon hiervan de schuld. Deze geeft zijn broer hierom een mep met een schaakstuk, waarna zijn vader en broer hem nog minder moeten. De enige die iets om hem geeft is de dienstbode van het gezin, een eenvoudige oudere vrouw genaamd Kiyo, die nog opgroeide in traditionele tijd van vóór de Meiji-restauratie. Zij ziet iets in hem wat anderen niet zien: hij is weliswaar ruw en ongepolijst, maar tevens eerlijk en trouw. Zij is degene die de hoofdpersoon ‘Botchan‘ noemt, wat iets als ‘jonge meester’ of ‘meestertje’ betekent.

Als hun vader overlijdt, krijgt Botchans oudere broer het huis in bezit. Omdat deze broer een baan krijgt aangeboden op Kyushu, verkoopt hij het huis en andere familiebezittingen. En hoewel hij dat wettelijk niet verplicht en zijn relatie met Botchan erg slecht is, geeft hij hem toch een deel van de opbrengst. Hierna nemen ze afscheid en zien ze elkaar nooit meer terug. Kiyo wil het liefst bij haar Botchan blijven, maar omdat dit onmogelijk is trekt ze in een welgestelde neef. Botchan huurt van zijn deel van de erfenis een klein kamertje in een pension en schrijft zich in een opwelling in voor een studie natuurkunde. Aanvankelijk heeft hij spijt van deze keuze, omdat studeren hem helemaal niet ligt, en hij beklaagt zijn impulsieve karakter. Tot zijn eigen verrassing weet hij na drie jaar echter toch te slagen, en via zijn schoolhoofd krijgt hij een baan als schoolmeester aangeboden op het eiland Shikoku. Hij neemt de baan aan en laat Kiyo in tranen achter.

Dit was het eerste hoofdstuk. De rest van het boek verhaalt vervolgens over Botchans ervaringen als schoolmeester op Shikoku. Het draait er in hoofdzaak om dat in deze nieuwe wereld de mensen niet eerlijk en recht-door-zee zijn zoals Botchan, maar elkaar voortdurend belazeren en vuile spelletjes spelen. Botchan kan daar niet aan wennen, en raakt voortdurend in conflict – én slaags – met zijn nieuwe omgeving. Botchans heimwee naar Tokio, en dan vooral naar de eenvoud en eerlijkheid van Kiyo, is het belangrijkste thema van het boek.

In hoeverre dit bewust bedoeld of opgevat werd als allegorie – Japan als geheel had immers ook net eerlijkere en eenvoudigere wereld verruild voor een waarin vuile spelletjes gespeeld werden, een waarin het ook slaags raakte met zijn omgeving – is niet helemaal duidelijk, maar al helemaal niet relevant. Wat wel duidelijk en relevant is, is dat Japanners zich destijds al enorm aangetrokken voelden tot dit boek, en dus blijkbaar (ergens) verwant met het jonge meestertje Botchan.

In die zin is het boek dus erg interessant. Niettemin, los van de ‘(cultuur)historische’ waarde ervan, viel het boek zelf een beetje tegen. Wat daarbij ongetwijfeld meespeelde zijn twee grote verschillen tussen mijn aanvankelijk kennismaking met het boek, in Donald Keenes bloemlezing, en mijn latere lezen van het boek in zijn geheel.

Het eerste daarvan is al aan bod gekomen. Dit is het feit dat het eerste hoofdstuk slechts een introductie is, en aanzienlijk verschilt van de rest van het boek. Keene gebruikt juist dit eerste hoofdstuk als fragment, waardoor ik verwachtte dat het hele boek over een kleurrijke vechtersbaas zou zijn die voortdurend in de problemen komt. De volwassen Botchan is echter een stuk minder kleurrijk dan zijn voormalige zelf, en wat hij meemaakt op Shikoku is lang niet zo turbulent als het eerste hoofdstuk.

Het andere grote verschil is de vertaling. Het fragment in Keene is vertaald door Burton Watson (1925), een Amerikaans, en de tekst maakt een hele moderne (zelfs Amerikaanse) indruk. Een deel van de aanvankelijk betovering is hiermee waarschijnlijk verklaard. Ik las immers over een tijd die me vreemd was, van lang geleden en ver weg, maar toen ik (via Watson dus) een ‘stem’ uit die tijd hoorde, klonk deze me verrassend bekend en modern in de oren. Dat contrast, tussen wat ik verwachtte en wat ik las,  maakte natuurlijk indruk. Het exemplaar van Botchan uiteindelijk als boek las was echter van een oudere vertaling uit 1922, van ene Umeji Sasaki, over wie ik weinig kan vinden maar waarschijnlijk een Japanner is. Zijn Engels komt in elk geval niet erg natuurlijk over, en is zelfs voor 1922 of 1906 nog ouderwets, en het hele boek  is bovendien in passieve vorm geschreven. Dus nooit, bijvoorbeeld: ‘ik zag een boom en at een broodje’, maar altijd: ‘een boom werd gezien en een broodje werd gegeten’. Nu weet ik niet of dit dichterbij het eigenlijke Japans van Natsume komt of niet, maar wat ik wel weet is dat het gewoon niet erg prettig leest.

Van de aanvankelijke betovering bleef in iedere geval niet veel meer over. Wat wel overbleef was zoals gezegd (cultuur)historisch interessant, maar dus niet qua stijl of verhaal. Ik moest het puur als huiswerk beschouwen.

Helaas was het alleen in die zin waardevol. Niettemin ben ik wel nieuwsgierig geworden naar de andere werken van Natsume, die naar het verluidt overigens ook bepaald anders (en volwassener) zijn dan Botchan, en bovendien niet door Umeji Sasiki vertaald.

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s

%d bloggers like this: